Ga naar inhoud. | Ga naar navigatie

Persoonlijke hulpmiddelen

Navigatie

Wie de pleister past …

Wondverbandwijzer

PW Magazine 08, jaar 2014 - 21-02-2014 | door Thijs Altena
Verbanden zijn er in veel soorten en maten. Door de grote verscheidenheid is een overzicht moeilijk te verkrijgen. Als hulpmiddel is de Wondverbandwijzer beschikbaar op de KNMP Kennisbank.

De Wondverbandwijzer geeft een overzicht van veel gebruikte wondverbandmiddelen in Nederland. Dit naslagwerk voor de apotheek kan gebruikt worden om snel de meest essentiële informatie over verschillende verbandmiddelen op te zoeken en ze onderling te vergelijken.

Classificatie wonden

Wonden kunnen onderverdeeld worden via het Woundcare Consultant Society (WCS)- classificatiemodel. Dit model deelt de wonden, met uitzondering van brandwonden en oncologische wonden, in op een drietal kleuren [1]:

• rood: dit is de kleur van granulatieweefsel. Deze wond moet beschermd worden;

• geel: de kleur ontstaat door geel geïnfecteerd beslag (vervloeiende necrose, pus). Deze wond moet gereinigd worden;

• zwart: in de wond bevindt zich necrotisch weefsel. Bij een necrotische wond moet het dode weefsel verwijderd worden voordat deze verder kan genezen.

In de praktijk zal een wond niet altijd helemaal rood, geel of zwart zijn, maar gelijktijdig meerdere kleuren hebben. Daarbij gaat de classificatie uit van de meest ernstige situatie. Een wond die bijvoorbeeld geel en zwart is, wordt geclassificeerd als zwarte wond. De behandeling is gericht op de meest ernstige factor.

Wondverbandwijzer

In de Wondverbandwijzer zijn de verbandmiddelen ingedeeld in productgroepen, bijvoorbeeld alginaten en hydrogelverbanden. Dit maakt het mogelijk om verbandmiddelen die tot dezelfde groep behoren met elkaar te vergelijken. Bij elke groep wordt aangegeven wat de algemene kenmerken zijn en waarvoor de verbandmiddelen worden toegepast. Bij de wondverbandmiddelen is ook de kleur van de wond opgenomen. Het doel kan dubbel zijn, bijvoorbeeld schoonhouden én beschermen, en is afhankelijk van de wond die behandeld wordt.

Verder staat bij elk verband afzonderlijk de naam van de fabrikant, de merknaam en eventuele specifieke kenmerken die gelden voor dat verbandmiddel. Daarnaast wordt informatie gegeven hoe het verbandmiddel toegepast en eventueel gefixeerd kan worden.

Geen substitutiewijzer

De voorschrijver kiest meestal bewust voor een specifiek verband. De Wondverbandwijzer geeft aan of producten vergelijkbaar zijn of niet. De wijzer is echter niet bedoeld als substitutiewijzer.

Verbandmiddelen zoals gazen, fixatiezwachtels en (fixatie)pleisters kunnen vaak zonder overleg omgezet worden in producten uit dezelfde groep. Meer complexe producten zoals verbanden met alginaten of hydrogels kunnen niet zomaar omgezet worden. Deze producten hebben dusdanige unieke eigenschappen dat ze niet met andere producten (makkelijk) te vergelijken zijn. Bij voorkeur worden producten altijd in overleg met de voorschrijver of (wond)verpleegkundige omgezet, zeker bij twijfel over de juistheid van de omzetting.

 

De Wondverbandwijzer is te vinden op de KNMP Kennisbank onder ‘Productzorg en Bereiding’.


Literatuur

1. WCS Classificatiemodel. http://www.wcs.nl/over-wcs/classificatiemodel.html. Geraadpleegd d.d. 27-01-2014.

Document acties

Back to top