Ga naar inhoud. | Ga naar navigatie

Persoonlijke hulpmiddelen

Navigatie

Perspectief patiënt wint aan belang

Real world-data worden steeds belangrijker bij onderzoek.

PW36 - 04-09-2020 | door Frans van den Houdt
Foto Geert Job Sevink
Peter Mol is apotheker, geneesmiddelenbeoordelaar en sinds kort hoog­leraar drug regulatory science aan de medische faculteit Groningen. Zijn focus ligt op het verbeteren van het patiëntenperspectief, besluitvorming en gegevensuitwisseling.
Perspectief patiënt wint aan belang

Zijn leerstoel heeft twee componenten, zegt de kersverse hoogleraar Peter Mol (52) van het UMCG: nieuwe methoden ontwikkelen ter ondersteuning van de regulatoire besluitvorming over de toelating van nieuwe geneesmiddelen en ter verbetering van de kennisuitwisseling tussen geneesmiddelautoriteiten, zorgprofessionals en leken, met speciale aandacht voor personalized medicine.

“Daarbij zal ik mij onder meer focussen op ontwikkelingen op het gebied van nieuwe informatie- en databronnen die een rol spelen bij de besluitvorming rond geneesmiddelen, zoals real world-data, die steeds belangrijker worden bij onderzoek”, zegt Mol, die op 1 augustus aan de slag ging als hoogleraar op de afdeling Klinische farmacie en Farmacologie (KFF).

Ook andere patiëntgerelateerde gegevens zijn volgens Mol essentieel voor het valideren van onderzoek ter verbetering van de veiligheid van geneesmiddelen. “We betrekken het  patiëntenperspectief bij het afwegen van de baten en risico’s van een middel, en we kijken hoe we de risicocommunicatie (DHPC’s) kunnen verbeteren.”

Dit alles sluit perfect aan bij de doel­stellingen van de afdeling KFF, waar het ontwikkelen en implementeren van innovatieve strategieën voor personalized medicine centraal staan, stelt Mol.

SPANNEND

Naast zijn werk aan de universiteit is Mol al zeventien jaar beoordelaar bij het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) en in die hoedanigheid lid van de Science Advice Working Party van het Europees Geneesmiddelen Agentschap (EMA). Sinds 2016 is hij vicevoorzitter van dat orgaan, dat eerst maandelijks bijeenkwam in Londen en nu in Amsterdam.

“Fantastisch maar heel intensief, alsof je steeds op een vierdaags congres zit waar alle nieuwe geneesmiddelontwikkelingen worden besproken.” Per sessie komen tussen de vijftig en zeventig middelen aan bod. “Je bent al in een heel vroeg sta­dium bij grote onderzoeken betrokken, zonder dat je precies weet hoe het eindresultaat eruit zal zien. Dat is iedere keer weer spannend.”

Document acties

Back to top