Ga naar inhoud. | Ga naar navigatie

Persoonlijke hulpmiddelen

Navigatie

Herexamen 2019 PW 21

PW21 - 23-05-2019 | door Brigit Wensveen, GIC

Welke van onderstaande uitspraken is niet juist?

  1. a. MDRD en CKD-EPI geven een schatting van de glomerulaire filtratiesnelheid (GFR).
  2. b. Berekening van de creatinineklaring op basis van de concentratie crea-tinine in de 24-uurs urine geeft de werkelijke GFR weer.
  3. c. De toevoeging per 1,73 m² betekent dat de eGFR van toepassing is op een gestandaardiseerde of genormaliseerde patiënt.
  4. d. MDRD gaat uit van een standaard normaal gewicht en geeft daarom geen goede schatting van de GFR bij personen met ondergewicht (overschatting) en gespierde sporters (onderschatting).

Toelichting

Het juiste antwoord is: b. Berekening van de creatinineklaring op basis van de concentratie crea-tinine in de 24-uurs urine geeft de werkelijke GFR weer.

De berekende creatinineklaring is de som van glomerulaire filtratie en tubulaire secretie en geeft daarom niet de werkelijke GFR weer.

De berekening gebaseerd op de 24-uurs urineverzameling berekent de creatinineklaring op basis van de concentratie creatinine in het bloed en in de urine.

Creatinine wordt voornamelijk via glomerulaire filtratie uit het bloed verwijderd en met de urine uitgescheiden. Een klein deel van de creatinine, 15 tot 20%, wordt actief via tubulaire secretie uitgescheiden. De berekende creatinineklaring is de som van glomerulaire filtratie en tubulaire secretie. Dit betekent dat de berekende creatinineklaring de werkelijke glomerulaire filtratiesnelheid (GFR) overschat. Naarmate de filtratiecapaciteit van de nieren afneemt, kan het aandeel tubulaire secretie aanzienlijk toenemen. Bij het beoordelen van de creatinineklaring moet hiermee rekening worden gehouden.

Zie voor de formuleberekening creatinine­klaring gebaseerd op 24-uurs urineverzameling en de overige formules om de nierfunctie te schatten: https://www.knmp.nl/rekenmodules

Document acties

gearchiveerd onder: ,
Back to top