Ga naar inhoud. | Ga naar navigatie

Persoonlijke hulpmiddelen

Navigatie

Oog voor kind met eczeem

Vraag na waar crème of zalf moet worden aangebracht.

PW31/32 - 02-08-2019 | door Cindy Reinders
Praat niet alleen over het middel maar ook over de aandoening zelf, concludeert Judith Weiland, die met haar team twaalf keer in gesprek ging met ouders van kinderen met constitutioneel eczeem. “En geef vooral concrete smeeradviezen.”
Oog voor kind met eczeem

Intensieve gesprekken met ouders van kinderen met constitutioneel eczeem heeft het team van Apotheek Burgum in het gelijk­namige Friese dorp veel inzicht opgeleverd. Vijf enthousiaste assistenten en openbaar apotheker Judith Weiland deden dit in het kader van het OKEE-project, dat staat voor het Optimaliseren van de behandeling van Kinderen met Eczeem in de Eerste lijn, van de Universiteit Utrecht (UPPER).

De belangrijkste eye opener voor Weiland zelf: “Wij vergeten vaak te vragen wat de arts heeft verteld, waar de crème of zalf moet worden aangebracht en waarvoor het is. Wij zijn meer gefocust op het middel. Maar als je hoort dat iemand drie keer per dag zijn lichaam moet insmeren en de arts schrijft slechts 100 gram koelzalf voor, kun je actie ondernemen.”

Tijd en ruimte maken voor zo’n project, vindt ze lastig, “maar dat is wel waarvoor we dit werk doen. De positieve reacties van ouders zijn zonnestralen in de apotheek. En die hebben we in hectische tijden van tekorten wel nodig.”

Uitproberen

Ouders zijn vooral blij met concrete adviezen. “Dat je uitlegt hoeveel corticosteroïden ze moeten smeren én hoe: niet in rondjes, maar met de haargroei mee. Daarnaast waarderen ouders ook de niet-therapeutische adviezen en vinden ze het fijn als je verschillende indifferente crèmes of zalven laat uitproberen. Als ze iets anders prettiger vinden dan dat de arts heeft voorgeschreven en je dat meegeeft, houden ze het insmeren van hun kind langer vol. Gelukkig geven de huisartsen ons veel vrijheid; ze vinden indifferente middelen ons gebied.”

Verder merkt Weiland dat er nog steeds een stigma zit op corticosteroïden; mensen zijn bang voor de bijwerkingen. En niet alleen patiënten. Zelfs sommige apothekers en assistenten maken zich daar zorgen over, zo concluderen de onderzoekers die de uitkomsten van OKEE onlangs hebben gepubliceerd.

Voor de volgende werkbespreking staat het onderwerp weer op de agenda. Ook omdat het nu mogelijk is om externe documenten aan ons apotheekinformatiesysteem te koppelen, zegt Weiland. “Zo kunnen we bijvoorbeeld de afbouwschema’s voor corticosteroïden die UPPER heeft ontwikkeld, opnemen in de recept­verwerking. Dat werkt prettiger dan losse documenten uitprinten en maakt het project uitvoerbaar voor het hele team.”  

Document acties

gearchiveerd onder: , ,
Back to top