Tecovirimat is een antiviraal medicijn tegen mpox, pokken en koepokken, infecties die veroorzaakt worden door virussen uit de Orthopoxvirus-familie. Patiënten krijgen bultjes of blaasjes die pijnlijk zijn en littekens kunnen achterlaten. Tecovirimat remt de verspreiding van het virus in het lichaam en bevat de werkzame stof tecovirimat-monohydraat.
Volgens het CBG kreeg tecovirimat in 2022 onder bijzondere omstandigheden een vergunning. Dat betekent dat het geneesmiddel werd toegelaten op basis van de beschikbare gegevens op dat moment. Daarbij was afgesproken dat er extra onderzoek zou komen naar de werkzaamheid en veiligheid van het medicijn.
Onvoldoende werkzaam
Uit die studies blijkt, volgens het CBG, dat tecovirimat onvoldoende werkzaam is bij patiënten met mpox: er werd geen duidelijk voordeel gezien van behandeling met het geneesmiddel vergeleken met placebo. Daardoor wegen de voordelen van tecovirimat voor de behandeling van mpox niet langer op tegen de risico’s, aldus het CBG.
Na een Europese beoordeling is besloten het gebruik van dit medicijn bij mpox te beperken tot de andere geregistreerde indicaties. De beperking is niet gebaseerd op nieuwe veiligheidsproblemen; er zijn geen nieuwe bijwerkingen of risico’s gevonden.
Volgens het CBG blijft tecovirimat geregistreerd voor de behandeling van pokken en koepokken. Het geneesmiddel kan ook worden gebruikt bij klachten door het vacciniavirus tegen pokken, bij volwassen en kinderen vanaf 13 jaar. De beperking geldt alleen voor het gebruik bij mpox.
Advies zorgverleners
Het CBG en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) adviseren zorgverleners niet meer met tecovirimat te starten bij patiënten met mpox, en contact op te nemen met patiënten die dit geneesmiddel nu gebruiken voor mpox om de behandeling te bespreken. Ook krijgen zorgverleners het advies vermoedelijke bijwerkingen van tecovirimat te melden bij Bijwerkingencentrum Lareb.
Patiënten die tecovirimat gebruiken voor de behandeling van mpox krijgen van het CBG het advies de behandelingskuur af te maken, omdat dan de kans kleiner is dat het virus resistent wordt. Voor vragen kunnen patiënten contact opnemen met hun zorgverlener.
Ziekenhuisapothekers
De handelsvergunninghouder heeft over dit onderwerp een Direct Healthcare Professional Communication (DHPC) met belangrijke risico-informatie verstuurd. Deze informatie is in overleg met het CBG, IGJ en het Europees Medicijn Agentschap (EMA) opgesteld en gericht aan onder meer infectiologen, artsen werkzaam bij GGD, SOA-klinieken, artsen werkzaam bij hiv-centra en ziekenhuisapothekers.