Ga naar inhoud. | Ga naar navigatie

Persoonlijke hulpmiddelen

Navigatie

Mogelijk overlevingswinst bij palliatieve immuuntherapie

PW50 - 04-12-2025
Behandelaren kunnen palliatieve immuuntherapie inzetten bij patiënten met een oesofaguscarcinoom of maagcarcinoom. Dit leidt mogelijk tot een langere progressievrije overleving en betere algehele overleving. Dat blijkt uit de herziene richtlijnen Oesofaguscarcinoom en Maagcarcinoom van de Nederlandse Vereniging van Maag-, Darm-, Leverartsen (NVMDL).
Mogelijk overlevingswinst bij palliatieve immuuntherapie

Bij patiënten met een carcinoom van de maag, gastro-oesofageale overgang of oesofagus kunnen artsen in de palliatieve fase chemotherapie en pembrolizumab of nivolumab als immuuntherapie inzetten. Welke behandeling de voorkeur heeft, hangt volgens de richtlijn onder meer af van het type kanker.

Zo is volgens de richtlijn een eerstelijnsbehandeling met pembrolizumab en chemotherapie te overwegen bij patiënten met een inoperabel, gerecidiveerd of gemetastaseerd plaveiselcelcarcinoom van de oesofagus en een combined positive score (CPS) van 10 of hoger. CPS is een maat voor het aantal PD-L1-positieve cellen. Een eerstelijnsbehandeling met nivolumab en chemotherapie is te overwegen bij patiënten met een lokaal gevorderd inoperabel of gemetastaseerd HER2-negatief adenocarcinoom van de maag, gastro-oesofageale overgang of oesofagus met een CPS van 5 of hoger.

Document acties

gearchiveerd onder: maagcarcinoom, immuuntherapie
Back to top